Hoe en wat CM do

Tijdens het klinische casemanagementproces:

  • De verantwoordelijkheden en taken van elke persoon worden verduidelijkt
  • De samenhang van interventies en verdere begeleiding ondersteunen
  • De operationele banden op lange termijn tussen de verschillende betrokken partijen weerspiegelen
  • Er wordt een plaats gegeven aan de ervaringen van uitputting en isolatie van zorgverleners en hun families.
  • Sectoroverschrijdende dialoog aanmoedigen: een gemeenschappelijke taal opbouwen
  • Een rode draad door het traject van het kind/de jongere laten lopen
  • We maken het mogelijk om een netwerk rond en voor de jongere op te zetten en te versterken.

Functies Casemanagement:

  1. Evaluatiefunctie: verkennende analyse van de behoeften, uitdagingen (problemen) en mogelijkheden van het professionele en familiale netwerk en van het kind/de jongere
  2. Netwerkverbindingsfunctie: ontmoeten, netwerken, versterken, ondersteunen, mobiliseren, etc.
  3. Planningsfunctie: vergadertijden vastleggen, werkdoelen bepalen, mensen aan het praten krijgen, een samenvattend verslag opstellen, zoeken naar raakvlakken en punten van verschil, enz.
  4. Controlefunctie: geleidelijk de gezamenlijk genomen beslissingen evalueren en indien nodig bijsturen.
  5. Belangenbehartiging: ervoor zorgen dat de standpunten en belangen van het kind/de jongere en zijn/haar familiekring worden gehoord in het proces van casemanagement.
µ